De leerlingen van de vierde leefgroep gingen, samen met de leerkrachten Marie-Anne, Rolf, Zehra en Marina van de levensbeschouwelijke vakken, op uitstap naar verschillende gebedshuizen.
katholieke kerk

Wij zijn naar de katholieke kerk geweest op het Sint Pietersplein. Eerst gaf de pastoor een beetje uitleg over de kerk. In de kerk stond een maquette van de abdij. In de kerk was er een koepel, de pastoor zei dat het de enigste kerk was met een koepel. In de koepel waren er 4 mannen afgebeeld. Die 4 mannen waren de schrijvers van de bijbel (4 evangelisten). Ze heten: Marcus, Lucas, Johannes en Matheüs. Ze hadden allemaal een symbool: Marcus/ leeuw, Lucas/ stier, Johannes/ arend en Matheüs/engel. Een beetje verder in de kerk was het koor. In het koor stond de lezenaar waar de bijbel op ligt, de paaskaars, het altaar, de doopvont en de godslamp. De godslamp brandt dag en nacht. Toen gaf de pastoor uitleg over Petrus. Petrus is degene die de sleutel bezit van de poort van de hemel. Toen zijn we naar de sacristie gegaan. De pastoor gaf ons een hostie. Dan gingen we naar de schatkamer.
(
Nora)
We zijn naar de katholieke kerk geweest. We hebben geleerd over de 4 evangelisten. Die heten Marcus, Lucas, Johannes en Mattheüs. We kregen de doopvont te zien en de paaskaars. We kregen een hostie. Nanook mocht een liturgisch
gewaad aandoen. De kleuren van die liturgische gewaden zijn paars, voor de 40-dagentijd, groen, voor tijdens het jaar, wit, voor op kerkelijke feesten, rood, voor bijvoorbeeld Palmzondag, Goede Vrijdag en Pinksteren. We zijn daarna naar de schatkamer gegaan met heel mooie schatten en mooie beelden, zoals van de 16de eeuw. Boven de kerkdeur staat Sint Petrus. We hadden veel bijgeleerd en het was heel leuk.
(
Katlijn)
Geuzenhuis

We gingen met de klas (g.z.p.i) naar het Geuzenhuis op de Kantienberg. Daar stond Leentje ons op te wachten. Leentje bracht ons naar de zolderkamer. Daar mochten we allemaal in een cirkel zitten. Leentje gaf ons allemaal een rode en een groene kaart. We gingen een spel spelen waar we allemaal onze eigen mening mochten zeggen. Er waren vragen zoals: "Mogen mannen meerdere vrouwen hebben?" De meeste meisjes zeiden: "Nee!" En de meeste jongens zeiden: "Ja!" Zo waren er nog veel meer vragen en veel verassende antwoorden. We leerden ook dat het Geuzenhuis er niet alleen is voor vrijzinnigen maar voor alle mensen. Mening: Ik vond het bezoek heel leerrijk en leuk. Leentje was ook heel vrolijk en lief!
(
Aya)
Ik ben met zedenleer naar het Geuzenhuis geweest. Het Geuzenhuis is het huis van de vrijzinnigen. Dat zijn mensen die niet geloven dat er een god bestaat. We hebben daar het stellingenspel gespeeld met Leentje. Dat was leuk. We moesten kiezen tussen akkoord en niet akkoord wanneer Leentje een stelling had gezegd. Iedereen had vaak dezelfde mening, maar niet altijd. Daarna moesten we in een kring gaan zitten en praten. We hebben geleerd dat het teken van de vrijzinnigen een fakkel is met 6 mannekes rond. We hebben ook gepraat over geloof en de tekens van andere overtuigingen. Leentje was een heel toffe vrouw. We hebben niet alles kunnen doen want we hadden geen tijd meer.
(
Ella)
We gingen naar het Geuzenhuis en speelden daar een stellingenspel. De spelleidster Leentje zei bijvoorbeeld: "Kan het dat mannen meer dan 1 vrouw hebben?" Wij konden ja of nee zeggen en uitleggen waarom. Ze heeft ons verteld waar de Geuzen vandaan komen. Ze vertelde over de beeldenstorm in de 16de eeuw en het ontstaan van het protestantisme. Het begon met Marghareta van Parma, die een noodvergadering organiseerde. Enkele protestantse kooplieden namen daar aan deel en zeiden in het Frans: "Het zijn maar Geuzen". (dat was een soort scheldnaam) Toen zeiden de mensen die de beeldenstorm organiseerden: "Oké, nu noemen we onszelf Geuzen". De Geuzen waren mensen die zich tegen het katholieke geloof verzetten. Vandaar de naam: Geuzenhuis. Het huis van de vrijzinnigen. Vandaag is dit het huis waar iedereen welkom is, losstaand van je overtuiging. Ik vond het heel interessant en leerrijk. Leentje kon alles heel goed uitleggen.
(
Laura)
moskee
Ik vond de uitstappen heel interessant en zeer leuk.
Ik wist niet veel over de andere godsdiensten.
Er zijn veel verschillen met een moskee.
Wat wel gelijk is dat ze allemaal bidden voor God behalve in het Geuzenhuis.
De katholieke kerk was veel groter dan ik had verwacht.
De uitstappen zijn zeker een aanrader voor de andere klassen.
(
Daud)
Protestantse kerk

Als allerlaatste uitstap zijn we naar de protestantse kerk geweest. Als eerste kregen we uitleg over de geschiedenis, want de kerk was ook een paardenstal geweest en nu niet meer. Daarna kregen we een uitleg over een mooi kunstwerk van een soort klei gemaakt, dat aan de muur hing. We moesten er vier verhalen uithalen: de druivelaar, het net, de zaaier en de vissers. We kregen ook het hugenotenkruis te zien. Sommigen hebben op het orgel mogen spelen. We hebben ook een spel moeten doen en wij waren het eerst klaar. En daarna moesten we weer terug naar school.
(
Andrea)
De protestantse kerk was het omgekeerde van de katholieke kerk: het was kleiner en had minder versieringen. Op de muur waren de namen van alle dominees opgeschreven, maar de allereerste was onbekend. Er was een groot orgel dat allemaal verschillende klanken had. Er waren twee bijbels: een oude en een nieuwe. En er waren mantels (toga's) zoals in de katholieke kerk. Vroeger was de kerk een katholieke kerk. De protestanten komen meestal samen in huizen en dan herken je ze niet.
(
Lisa)
In de protestantse kerk waren veel bijbels, want als je binnenkomt moet je een bijbel pakken en dan kan je mee volgen in de dienst. Er was daar ook een orgel en we hebben mogen spelen. Dan hebben we ook een spel gespeeld en dat was een puzzel en je moest die om het snelst maken en dan stond er een teken op en dat was het hugenotenkruis.
(
Renée)
Toen we binnen kwamen speelde de dominee orgel. Het was een mooi liedje. De kerk was heel erg leeg, maar er hing wel een heel groot kruis. Er waren banken. De dominee vertelde wat geschiedenis en zei dat het eerst een katholieke kerk was. Later hebben we nog op het orgel en de piano mogen spelen.
(
Arthur)